Belgian National Orchestra, González-Monjas & Mühlemann
6 Dec.'24
- 20:00
Henry Le Boeufzaal

Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)
Thamos, König in Ägypten, K. 345/336a (1773-1780)
- Zwischenspiel nach dem 1. Akt: Maestoso – Allegro
Richard Strauss (1864-1949)
"Ständchen", TrV 149, op. 17 (1886)
"Wiegenlied", TrV 195, op. 41, no. 1 (1889)
"Morgen!", TrV 170, op. 27, no. 4 (1897)
Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)
Thamos, König in Ägypten, K. 345/336a (1773-1780)
- Zwischenspiel nach dem 2. Akt: Andante
"Voi avete un cor fedele", K. 217 (1775)
Pauze
Gustav Mahler (1860-1911)
Sinfonie Nr.4 G-Dur für Sopran-Solo und Orchester (1892-1900)
- Bedächtig, nicht eilen
- In gemächlicher Bewegung, ohne Hast
- Ruhevoll, poco adagio
- "Wir geniessen die Himmlischen Freuden". Sehr behaglich
Einde van het concert voorzien om 22:00
Productie: Belgian National Orchestra
Coproductie: De Munt / La Monnaie & Bozar
Gerealiseerd met steun van de Belgische Tax Shelter via Casa Kafka Pictures.
‘Das himmlische Leben’ – Mahlers Vierde Symfonie
Door hun unieke plaats in de muziekgeschiedenis heerst er een interessante spanning tussen de muziek van Mozart, enerzijds, en die van Mahler en Strauss anderzijds. Toen Mozart zijn eerste concertaria’s componeerde, stond Oostenrijk symbool voor politieke stabiliteit en culturele finesse. Toen Mahler bijna anderhalve eeuw later zijn symfonieën schreef, stond datzelfde Oostenrijk op een kantelpunt dat de orde van het Europese vasteland voorgoed zou veranderen. Richard Strauss, op zijn beurt, zag dezelfde ontwrichting maar reageerde er totaal anders op. In die zin staan ze aan weerskanten van wat misschien wel de meest boeiende periode is uit de muziekgeschiedenis. Mozart legde de fundamenten voor een buitengewoon expressieve muzikale taal die bij Mahler en Strauss op haar ultieme spankracht wordt getest.
Mozart – Concertaria’s
Hoewel hij (net als Mahler) een Oostenrijker was van geboorte, ontpopte Wolfgang Amadeus Mozart zich tot een spilfiguur in de Italiaanse opera. De typisch Italiaanse sterrencultus bracht een grote vraag naar vocale acrobatie met zich mee, die zich goed liet rijmen met Mozarts expressieve finesse. Toch was het niet alleen in de opera dat Mozart zijn aanvoelen voor muzikale dramatiek kwijt kon. De toneelmuziek die hij op zijn zeventiende componeerde voor Thamos, König in Ägypten, getuigt al van zijn zoektocht naar de perfecte manier om tekstuele dramatiek te vertalen naar muzikale parameters. Als jongeling schreef Mozart ook twee concertaria’s voor Aloysia Weber, op wie hij een oogje had voor hij uiteindelijk met haar jongere zus Constanze trouwde. Aloysia stond bekend om haar vermogen om hoge noten te treffen, en dat is precies wat Mozart voorzag in de aria Vorrei spiegarvi, oh Dio uit 1783. Hier wordt het personage gedwongen om een keuze te maken tussen haar twee geliefden. Het innerlijke conflict wordt weergegeven door virtuoze uithalen in de sopraanpartij (met een buitengewoon ruime tessituur van meer dan twee octaven), en ook door de hobo, die de vocale melodie bijkleurt en zo haast met de soliste in dialoog lijkt te gaan. De tekst versmelt met de muziek, alsof die er altijd al voor gemaakt was.
Strauss – Liederen
Net zoals dat bij Mozart het geval was, leek de jonge Richard Strauss voorbestemd om het muzikale landschap rondom hem van een nieuwe adem te voorzien. Als zoon van een gerespecteerd hoornist voelde de jonge Richard zich al snel thuis in het grote concertcircuit dat steeds internationaler werd. Van zijn expliciete ambitie om het enigszins ingedommelde publiek uit de Duitse landen wakker te schudden met zijn muziek, maakte hij overigens geen geheim. Precies die positie heeft echter een interessant effect gehad: Strauss’ schijnbare lotsbestemming om de Duitse muziek uit een soort Wagnerneurose te halen woog zo zwaar dat zijn aanvankelijke experimenteerdrang enigszins uitdoofde. Hoewel hij pas halverwege de twintigste eeuw overleed, bleef Richard Strauss zijn leven lang een romanticus, die componeerde in een stijl die voor een groot deel schatplichtig bleef aan die van de negentiende eeuw. Die spanning tussen experiment en traditie is cruciaal om het oeuvre van Strauss te begrijpen. In zijn vele liederen, die een rode draad vormen doorheen zijn oeuvre, klinkt de nostalgie zowel tekstueel als muzikaal door. Morgen, bijvoorbeeld, is het laatste lied van een vierdelige liedcyclus die Strauss componeerde in 1894, oorspronkelijk voor piano en stem. Veel bekender is de versie voor orkest uit 1897, waarin naast de sopraan vooral de soloviool een erg belangrijke rol speelt. Het intieme lied kijkt vol verwachting uit naar de ochtendzon, die hoop en geluk zal brengen aan ieder die onder haar stralen loopt.
Het lied kan als een metafoor gelden voor Strauss’ scharnierpositie in de geschiedenis. Men mag niet vergeten dat het leven van Strauss acht traumatische decennia omspande waarin verleden en toekomst harder botsten dan ooit. Toen hij geboren werd, bestond Duitsland nog uit een lappendeken van kleine staatjes, en Strauss componeerde zijn eerste werken toen Wagner nog de laatste hand moest leggen aan zijn grootste muziekdrama’s. Toen Strauss stierf, had ‘zijn’ Duitsland een hoofdrol gespeeld in twee wereldoorlogen, en maakte de muzikale wereld al stilaan kennis met hemelbestormers als Stockhausen, Messiaen en Cage. Hoe dominant en gerespecteerd de man ook was, zijn halve leven moest Strauss opboksen tegen een tijdsgeest waarmee hij geen voeling meer had. Een gelijkaardig lot was ook Mahler beschoren, al klinkt het resultaat gevoelig anders.
Mahler - Vierde symfonie
Net als Richard Strauss verdiende de Oostenrijkse componist Gustav Mahler in de eerste plaats de kost als dirigent. In zijn geval waren dat prestigieuze instellingen als de Wiener Philharmoniker en de Wiener Staatsoper, en later de New York Philharmonic en de Metropolitan Opera. Componeren deed hij in de zomer, tussen de drukke concertseizoenen in. Het schrijven van muziek was voor Mahler nochtans een haast existentiële noodzaak; een manier om zich tot de wereld te verhouden. Men zegt wel eens dat de Oostenrijkse componist met elk van zijn tien monumentale symfonieën “de wereld wilde verklanken”. Dat betekent echter allerminst dat Mahler in zijn muziek een picturaal, netjes afgelijnd beeld wilde schetsen van de wereld zoals die ons in het dagelijkse leven aandient. Die verklanking van de wereld gebeurde eerder op abstracte wijze. Mahler geloofde, volledig in lijn met de laatromantische muziekfilosofie, dat de muziek emoties en betekenissen kan bevatten die het gesproken woord of zelfs het verstand overstijgen. Al verschilt de uitwerking, de grondidee was dezelfde als die van Strauss: de essentie van het leven en van de dood kan in de muziek verstaanbaar worden gemaakt. Het grote verschil met Strauss is dat deze overtuiging Mahler heeft aangespoord om nagenoeg uitsluitend symfonische muziek te schrijven, vaak in monsterlijke bezettingen, al dan niet met koor en vocale solisten. Mahler zou zich de eerste reacties op de première van zijn Vierde symfonie op 25 november 1901 nog lang herinneren als een van de grootste teleurstellingen uit zijn leven. “Doornig onkruid”, “ziekelijke über-muziek”, een “smakeloze” en “halfbakken symfonie” zijn maar enkele van de beschrijvingen die Mahler achteraf te lezen kreeg. Het is dan ook ironisch dat Mahlers Vierde vandaag een van de meest geliefde symfonieën is van de Oostenrijkse componist.
Mahlers Vierde symfonie is de laatste van zijn zogenaamde Wunderhorn-symfonieën. Tussen 1887 en 1901 liet de componist zich voor meer dan twintig werken inspireren door Des Knaben Wunderhorn, een anthologie van Duitse volksteksten gebundeld door Achim von Arnim en Clemens Brentano. De teksten van Des Knaben Wunderhorn verwoorden een van de kernthema’s van de romantiek: er zit troost, wijsheid en onschuld in de natuur, net als in het verleden en in het kind-zijn. Mahler zette niet alleen deze teksten op muziek, hij nam het resulterende materiaal ook als uitgangspunt van zijn eerste vier symfonieën (en met name in de Tweede, Derde en Vierde). Het gedicht Der Himmel hängt voll Geigen (‘de hemel is gevuld met violen’) uit Des Knaben Wunderhorn fascineerde Mahler in het bijzonder. Het laatste deel van de Vierde symfonie, waaraan Mahler een sopraanpartij toevoegde, is gebaseerd op zijn eigen lied Das himmlische Leben uit 1892, naar een tekst uit Des Knaben Wunderhorn.
Het is overigens de bezetting van dit lied die de bijzondere instrumentatie van de hele Vierde symfonie (zonder trombones en tuba) bepaalde. Het Beierse volkslied beschrijft de geneugten van het eeuwige leven, roept een land van melk en honing voor de geest, en beschrijft de musica caelestis (hemelse muziek) met de woorden “Kein Musik ist ja nicht auf Erden, die unsrer verglichen kann werden” (‘Er is geen muziek op aarde, die met de onze (de hemelse) vergeleken kan worden’). Op een belangrijke breuklijn in de geschiedenis verkondigde de tekst van Der Himmel hängt voll Geigen voor Mahler een boodschap van troost en van hoop: de aardse beslommeringen zijn een noodzakelijke tussenstap voor het bereiken van eeuwig geluk. Dat verklaart ook de overwegend optimistische toon van de Vierde symfonie. In Mahlers eigen woorden: “(De symfonie) bevat de vrolijkheid van een hogere en voor ons onbekende wereld die iets griezeligs en gruwelijks voor ons inhoudt. In het laatste deel, hoewel het al tot deze hogere wereld behoort, legt het kind uit hoe alles bedoeld is.” Op die manier wordt het zwaartepunt van de symfonie als het ware naar achteren gekatapulteerd.
De magische eerste beweging opent met het meest kenmerkende motief van de hele symfonie: een door houtblazers en slagwerk geëvoceerd geluid van sleebellen, dat doorheen de symfonie terugkomt als rode draad. Daarna klinkt een opgewekt hoofdthema, dat zich verbazend symmetrisch ontplooit en weer neerlegt. Het tweede thema bestaat uit een bijzonder gulle beweging in de strijkersgroep, dat door de klarinetten wordt onderbroken met een uitbundig en luidkeels gescandeerde frase die zo uit een kinderrijmpje geplukt lijkt. In de doorwerking weerklinkt een overwegend vrolijke chaos: flarden van het basismateriaal doorkruisen elkaar speels, tot de muziek tot de orde wordt geroepen door een militaristisch trompetmotief dat Mahler later zou gebruiken als opening van zijn Vijfde symfonie. Het uitbundige kinderwijsje laat zich meermaals horen, en ontpopt zich tot de muzikale conclusie van het openingsdeel.
De beroemde dirigent Bruno Walter betitelde de tweede beweging ooit als “Freund Hein spielt zum Tanz auf” (‘Vriend Hein roept op tot de dans’). Dit scherzo klinkt inderdaad als een macabere dans met de dood. Nadat een hoornmotief beantwoord wordt door een ritmisch begeleidingsfiguurtje in het hout, neemt de duivel zijn viool ter hand en schakelt hij provocerend tussen een mineur en majeur-toonaard. Volgens Mahlers weduwe Alma liet haar man zich inspireren door ‘Zelfportret met vioolspelende dood’ van Arnold Böcklin. In dit geheimzinnige schilderij uit 1872 kijkt de Dood mee over de schouder van de schilder en speelt hij hem een duivelse melodie in de oren. Het memento mori lijkt echter weinig impact te hebben: hoe de duivel zich ook roert met virtuoze bokkesprongen, de speelse tegenmotieven halen de bovenhand.
In het meditatieve Adagio zetten de lage strijkers een ontroerend thema in, begeleid door een ostinato-patroon in de bassen, dat doorheen de hele derde beweging gevarieerd zal worden. Het langste deel van Mahlers Vierde symfonie heeft iets van een breed uitgerokken wiegelied met existentiële proporties. Hoewel Mahler enkele keren behoorlijk fors uithaalt, weerklinkt hier vooral berusting. Naar het einde toe verschijnt in deze langzame beweging een ander handelsmerk van Mahler: de passionele melodie verandert plots in een braaf menuet, dat op zijn beurt verstoord wordt door een spottend en haast carnavalesk intermezzo in de houtblazers. Na een omzichtig opgebouwde climax domineert in de slotpassage een kernachtig motief dat Mahler in zijn Tweede symfonie het eeuwigheidsmotief had genoemd.
De hemel die Mahler zich middels de door de sopraan gezongen Wunderhorn-tekst voorstelt in het vierde deel, houdt in zijn woorden het midden “tussen schelmerij en diepe mystiek”. Er vloeit rijkelijk wijn, netten zitten vol vis, duizenden maagden dansen er op onaards mooie muziek, en dit alles onder het goedkeurende oog van Sint-Petrus en Sint-Cecilia. Elke wonderlijke strofe wordt afgesloten met een koraalachtige frase, op haar beurt gevolgd door de sfeervolle belletjesmuziek uit de openingsmaten van de symfonie. Mahler laat de uitbundige apotheosemuziek waarmee hij zijn eerste drie symfonieën had afgesloten, achterwege, en laat zijn Vierde symfonie beheerst culmineren in de geruststellende belofte van eeuwige gelukzaligheid.
Arne Herman
Ständchen
Tekst: Adolf Friedrich von Schack
Mach auf, mach auf, doch leise mein Kind,
Um keinen vom Schlummer zu wecken.
Kaum murmelt der Bach, kaum zittert im Wind
Ein Blatt an den Büschen und Hecken.
Drum leise, mein Mädchen, daß nichts sich regt,
Nur leise die Hand auf die Klinke gelegt.
Mit Tritten, wie Tritte der Elfen so sacht,
Um über die Blumen zu hüpfen,
Flieg leicht hinaus in die Mondscheinnacht,
Zu mir in den Garten zu schlüpfen.
Rings schlummern die Blüten am rieselnden Bach
Und duften im Schlaf, nur die Liebe ist wach.
Sitz nieder, hier dämmert’s geheimnisvoll
Unter den Lindenbäumen,
Die Nachtigall uns zu Häupten soll
Von unseren Küssen träumen,
Und die Rose, wenn sie am Morgen erwacht,
Hoch glühn von den Wonnenschauern der Nacht.
Wiegenlied
Tekst: Richard Dehmel
Träume, träume, du mein süßes Leben,
Von dem Himmel, der die Blumen bringt.
Blüten schimmern da, die beben
Von dem Lied, das deine Mutter singt.
Träume, träume, Knospe meiner Sorgen,
Von dem Tage, da die Blume sproß;
Von dem hellen Blütenmorgen,
Da dein Seelchen sich der Welt erschloß.
Träume, träume, Blüte meiner Liebe,
Von der stillen, von der heilgen Nacht,
Da die Blume seiner Liebe
Diese Welt zum Himmel mir gemacht.
Morgen!
Tekst: John Henry Mackay
Und morgen wird die Sonne wieder scheinen
Und auf dem Wege, den ich gehen werde,
Wird uns, die Glücklichen, sie wieder einen
Inmitten dieser sonnenatmenden Erde ...
Und zu dem Strand, dem weiten, wogenblauen,
Werden wir still und langsam niedersteigen,
Stumm werden wir uns in die Augen schauen,
Und auf uns sinkt des Glückes stummes Schweigen ...
Voi avete un cor fedele
Tekst: Carlo Goldoni
Voi avete un cor fedele,
Come amante appassionato:
Ma mio sposo dichiarato,
Che farete? cangerete?
Dite, allora che sarà?
Manterrete fedeltà?
Ah! non credo.
Già prevedo,
Mi potreste corbellar.
Non ancora,
Non per ora,
Non mi vuò di voi fidar.
Das himmlische Leben
Tekst: fragmenten uit Des Knaben Wunderhorn, Duitse volksgedichten verzameld door Achim von Armin & Clemens von Brentano (1806-1808).
Wir genießen die himmlischen Freuden,
D’rum tun wir das Irdische meiden.
Kein weltlich’ Getümmel
Hört man nicht im Himmel!
Lebt alles in sanftester Ruh’.
Wir führen ein englisches Leben,
Sind dennoch ganz lustig daneben;
Wir tanzen und springen,
Wir hüpfen und singen,
Sankt Peter im Himmel sieht zu.
Johannes das Lämmlein auslasset,
Der Metzger Herodes d’rauf passet.
Wir führen ein geduldig’s,
Unschuldig’s, geduldig’s,
Ein liebliches Lämmlein zu Tod.
Sankt Lucas den Ochsen tät schlachten
Ohn’ einig’s Bedenken und Achten.
Der Wein kost’ kein Heller
Im himmlischen Keller;
Die Englein, die backen das Brot.
Gut’ Kräuter von allerhand Arten,
Die wachsen im himmlischen Garten,
Gut’ Spargel, Fisolen
Und was wir nur wollen.
Ganze Schüsseln voll sind uns bereit!
Gut’ Äpfel, gut’ Birn’ und gut’ Trauben;
Die Gärtner, die alles erlauben.
Willst Rehbock, willst Hasen,
Auf offener Straßen
Sie laufen herbei!
Sollt’ ein Fasttag etwa kommen,
Alle Fische gleich mit Freuden angeschwommen!
Dort läuft schon Sankt Peter
Mit Netz und mit Köder
Zum himmlischen Weiher hinein.
Sankt Martha die Köchin muß sein.
Kein’ Musik ist ja nicht auf Erden,
Die unsrer verglichen kann werden.
Elftausend Jungfrauen
Zu tanzen sich trauen.
Sankt Ursula selbst dazu lacht.
Kein’ Musik ist ja nicht auf Erden,
Die unsrer verglichen kann werden.
Cäcilia mit ihren Verwandten
Sind treffliche Hofmusikanten!
Die englischen Stimmen
Ermuntern die Sinnen,
Daß alles für Freuden erwacht.
Serenade
Tekst: Adolf Friedrich von Schack
Doe open, doe open, maar stil mijn kind,
Om niemand uit zijn slaap te wekken.
Nauwelijks kabbelt de beek, nauwelijks trilt in de wind
Een blad aan de struiken en heggen.
Leg daarom rustig, mijn meisje, opdat zich niets beweegt,
Rustig je hand op de deurklink.
Vlieg met je tred, een tred als elfen zo zacht
Om over de bloemen te huppelen,
Lichtjes de maanverlichte nacht in
Om tot bij mij in de tuin te glippen.
Rondom sluimeren de bloesems bij het kabbelende beekje
En geuren in hun slaap, enkel de liefde is wakker.
Ga zitten, hier schemert het mysterieus
Onder de lindebomen,
Laat de nachtegaal op ons hoofd
Dromen van onze kussen,
En de roos, wanneer ze ontwaakt in de ochtend,
Nagloeien van de vreugdebuien van de nacht.
Wiegenlied
Tekst: Richard Dehmel
Droom maar, mijn lieve kleine leven,
Van de hemel, die de bloemen voortbrengt
En glanzende bloesems, ruisend
Van het liedje dat je moeder zingt.
Droom maar, zin van mijn zorgen,
Van de dag dat de bloem ontlook:
Van die lichte bloesemmorgen
Toen je ziel zich opende voor de wereld.
Droom maar, bloesem van mijn liefde,
Van die stille, heilige nacht,
Toen de bloem van zijn liefde
Mij deze wereld tot hemel maakte.
Morgen!
Tekst: John Henry Mackay
En morgen zal de zon weer schijnen.
En waar mijn weg ook heenvoert,
Zij zal ons, gelukkigen, weer verenigd zien
Op deze zonovergoten aarde …
Stilletjes zullen we langzaam afdalen
Naar het brede strand met de blauwe golven.
Zwijgend zullen we elkaar in de ogen kijken
En stilzwijgend daalt het geluk op ons neer …
Voi avete un cor fedele
Tekst: Carlo Goldoni
U hebt een trouw hart
U hebt een trouw hart,
Als passionele minnaar,
Maar als je officieel mijn echtgenoot was
Wat zou je dan doen? Zou je veranderen?
Vertel me dan, wat zal er gebeuren?
Zul je trouw zijn?
Ah, ik denk het niet!
Ik voorzie nu al
Dat je me zou kunnen uitlachen.
Wel, nog niet,
Nog niet,
Ik ga je niet vertrouwen.
Das himmlische Leben
Tekst: fragmenten uit Des Knaben Wunderhorn, Duitse volksgedichten,verzameld door Achim von Armin & Clemens von Brentano (1806-1808).
Wij genieten de hemelse vreugden,
En mijden daarom het aardse!
Geen werelds geraas
Hoor je in de hemel!
Alles leeft in zachte rust!
Wij leiden het leven van de engelen!
Zijn er niettemin heel levenslustig bij!
Wij dansen en springen,
Wij huppelen en zingen!
Sint Petrus in de hemel ziet toe!
Johannes laat het lammetje uit!
Slager Herodes past erop!
Wij brengen een geduldig,
Onschuldig, geduldig,
Liefelijk lammetje ter dood!
Sint Lucas slacht de ossen
Zonder enig bedenken!
Wijn kost een cent
In de hemelse tent!
Engelen bakken het brood!
Allerlei soorten fijne kruiden
Groeien in de tuin van de hemel,
Mooie asperges, bonen
Wat je maar wilt,
We krijgen volle schotels,
Mooie appels, peren en druiven!
De tuinders zijn je in alles ter wille!
Wil je ree, wil je haas?
Die lopen gewoon
Op straat naar je toe!
Volgt er een vastendag,
Dan komen meteen alle vissen aangezwommen, Dan loopt Sint Petrus
Met net en aas naar
De hemelse visvijver!
Sint Martha moet de kokkin zijn.
Geen muziek op aarde
Kan met de onze vergeleken worden.
Elfduizend maagden
Wijden zich aan de dans!
Sint Ursula zelf kijkt lachend toe,
Geen muziek op aarde
Kan met de onze vergeleken worden.
Cecilia met haar verwanten
Zijn voortreffelijke hofmuzikanten!
De stemmen van de engelen
Monteren je op!
Dat alles met vreugde vervuld is!
Roberto González-Monjas
muzikale leiding
De jonge Spaanse dirigent Roberto González-Monjas begon zijn carrière als soloviolist, kamermuzikant en concertmeester van de Orchestra dell’Accademia Nazionale di Santa Cecilia. Na een reeks opgemerkte directiedebuten is hij momenteel niet alleen eerste gastdirigent van het Belgian National Orchestra (met wie hij in 2022 maar liefst acht concerten speelde in het Verenigd Koninkrijk), maar ook chef-dirigent van het Zwitserse Musikkollegium Winterthur, muziekdirecteur van het Spaanse Orquesta Sinfónica de Galicia, chef-dirigent van het Mozarteumorchester Salzburg en eredirigent van het Zweedse Dalasinfoniettan. Recente gastoptredens als dirigent en ook als dirigent-violist leidden tot intensieve samenwerkingen met het Mahler Chamber Orchestra, het Orchestre national Bordeaux-Aquitaine, het Orchestre National d'Île-de-France, de Philharmonie Luxemburg, Sinfonia Lahti, het Hong Kong Philharmonic Orchestra, het Baltimore Symphony Orchestra en het Symfonieorkest van de Zweedse Radio.
Regula Mühlemann
sopraan
De Zwitserse sopraan Regula Mühlemann studeerde aan de Hochschule Luzern bij Barbara Locher. Op slechts enkele jaren tijd groeide ze uit tot een internationale ster. Critici prijzen haar om haar uitzonderlijk mooie timbre en haar gevoelige uitvoeringen. Hoogtepunten van de voorbije jaren op het operapodium waren haar rol- en huisdebuut als Susanna/Le nozze di Figaro, Adina/L’elisir d’amore en Blonde/Die Entführung aus dem Serail aan de Wiener Staatsoper, Susanna aan de Staatsoper Berlin met Daniel Barenboim, Gilda/Rigoletto aan Theater Basel, Echo/Ariadne auf Naxos in het Teatro alla Scala te Milaan en Belezza/Il trionfo del tempo e del disinganno naast Cecilia Bartoli op de paaseditie van de Salzburger Festspiele, waar ze iets later op de zomereditie ook Pamina/Die Zauberflöte zong. Op het concertpodium zong ze de Mater Gloriosa uit Mahlers Achtste symfonie in zowel het Teatro alla Scala (onder leiding van Riccaro Chailly), de Royal Albert Hall te Londen (onder leiding van Vasily Petrenko) als de Staatskapelle Dresden (onder leiding van Christian Thielemann). Regula Mühlemann is een exclusieve Sony Classical-artieste met bijzonder succesvolle albums als Mozart Arias (2016), Cleopatra (2017), Songs from Home (2019), Mozart II (2020, bekroond met een OPUS KLASSIK voor Solo Recording Voice Opera), en Fairy Tales (2023). Binnenkort keert ze terug naar de Staatsoper Berlin voor de rol van Sophie/Der Rosenkavalier (Strauss).
Belgian National Orchestra
Het Belgian National Orchestra, dat werd opgericht in 1936, is de geprivilegieerde partner van Bozar. Het orkest staat sinds september 2022 onder leiding van chef-dirigent Antony Hermus, met Roberto González-Monjas als gastdirigent en Michael Schønwandt als geassocieerd dirigent. Het Belgian National Orchestra treedt op met solisten van wereldformaat als Hilary Hahn, Christian Tetzlaff, Thomas Hampson, Aleksandra Kurzak, Leif Ove Andsnes, Víkingur Ólafsson, Sergey Khachatryan en Truls Mørk. Verder investeert het Belgian National Orchestra in de toekomstige generatie luisteraars en deinst het niet terug voor vernieuwende projecten, zoals met pop-rock-artiest Ozark Henry en recent met Stromae voor zijn nieuwe album Multitude. Het Belgian National Orchestra wordt ondersteund door de Nationale Loterij en de Tax Shelter van de Belgische Federale Overheid via Casa Kafka Pictures.
Konzertmeister
Misako Akama
eerste viool
Isabelle Chardon*
Sarah Guiget*
Julian Bartoli
Maria-Elena Boila
Nicolas De Harven
Annija Endija Kolerta
Françoise Gilliquet
Akika Hayakawa
Philip Handschoewerker
Nidhal Jebali
Nana Kawamura
Timur Kolesnikov
Serge Stons
tweede viool
Ignacio Rodríguez Martínez de Aguirre**
Marie-Danielle Turner*
Leonid Anikin
Michael Bonnay
Paula Carmona Caminos
Sophie Demoulin
Isabelle Deschamps
Hartwich D'Haene
Anouk Lapaire
Ekaterina Philippovich
Jacqueline Preys
Ana Spanu
altviool
Mihoko Kusama*
José Azevedo
Frederik Camacho
Sophie Destivelle
Clara Doise
Monika Mlynarzec
Katelijne Onsia
Jorge Ramos
Silvia Tentori Montalto
Edouard Thise
cello
Dmitry Silvian**
Célia Brunet
Lesya Demkovych
Philippe Lefin
Maria-Christina Muylle
Uros Nastic
Lucia Otero
Harm Van Rheeden
contrabas
Svetoslav Dimitriev*
Serghei Gorlenko*
Mathieu Garnavault
Dan Ishimoto
Miguel Meulders
Gergana Terziyska
fluit
Denis-Pierre Gustin**
Laurence Dubar*
Jérémie Fèvre*
Daria Tofanescu
hobo
Arnaud Guittet**
Irene Martin Sanchez*
Bram Nolf *
klarinet
Julien Bénéteau**
Giulio Piazzoli**
Álvaro Ferrer Pedrajas
fagot
Bert Helsen*
Filip Neyens*
Valérie Trangez
hoorn
Anthony Devriendt**
Bart Cypers**
Joannes Van Duffel*
Katrien Vintioen*
Bernard Wasnaire*
trompet
Andreu Vidal Siquier**
Leo Wouters**
Ward Opsteyn*
Jeroen Bavin
trombone
Guido Liveyns**
Wim Matheeuwese*
Koen Severens
pauken
Nico Schoeters**
slagwerk
Katia Godart*
Koen Maes
Arthur Ros
Sander Vanderkloot
harp
Annie Lavoisier**
Virginia Pestugia
** Aanvoerder 1ste solist
* Solist
MAHLER CYCLE
Geniet dit seizoen van het tweede deel van de Brusselse Mahlercyclus, die gezamenlijk wordt gepresenteerd door de Munt, Bozar en het Belgian National Orchestra.
SA 08.03.25 20:00 | BOZAR
SU 09.03.25 17:00 | BOZAR
MAHLER 8
La Monnaie Symphony Orchestra, Chorus, Choral Academy, Children’s and youth choruses, Belgian National Orchestra, Vlaams Radiokoor & Alain Altinogly
TU 11.03.25 20:00 | Bozar
DAS LIED VON DER ERDE & Mendelssohn 5
Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks & Daniel Harding
SU 04.05.25 17:00 | Bozar
MAHLER 3
La Monnaie Symphony Orchestra, women chorus, Chorus Academy and youth choir & Alain Altinoglu
TH 20.05.25 17:00 | Bozar
MAHLER 9
Berliner Philharmoniker & Kirill Petrenko
Bozar Maecenas
Prince et Princesse de Chimay • Barones Michèle Galle-Sioen • Monsieur et Madame Laurent Legein • Madame Heike Müller • Monsieur et Madame Dominique Peninon • Monsieur et Madame Antoine Winckler • Chevalier Godefroid de Wouters d'Oplinter
Bozar Honorary Patrons
Comte Etienne Davignon • Madame Léo Goldschmidt
Bozar Patrons
Monsieur et Madame Charles Adriaenssen • Madame Marie-Louise Angenent • Comtesse Laurence d'Aramon • Comte Gabriel Armand • Monsieur Jean-François Bellis • Baron et Baronne Berghmans • Monsieur Tony Bernard • De heer Stefaan Bettens • Monsieur Philippe Bioul • Mevrouw Roger Blanpain-Bruggeman • Madame Laurette Blondeel • Comte et Comtesse Boël • Monsieur et Madame Thierry Bouckaert • Madame Anny Cailloux • Madame Valérie Cardon de Lichtbuer • Madame Catherine Carniaux • Monsieur Jim Cloos et Madame Véronique Arnault • Mevrouw Chris Cooleman • Monsieur et Madame Jean Courtin • De heer en mevrouw Géry Daeninck • Monsieur et Madame Denis Dalibot • Madame Bernard Darty • Monsieur Jimmy Davignon • De heer en mevrouw Philippe De Baere • De heer Frederic Depoortere en mevrouw Ingrid Rossi • Monsieur Patrick Derom • Madame Louise Descamps • De heer Bernard Dubois • Mevrouw Sylvie Dubois • Madame Dominique Eickhoff • Baron et Baronne William Frère • De heer Frederick Gordts • Comte et Comtesse Bernard de Grunne • Madame Nathalie Guiot • De heer en mevrouw Philippe Haspeslagh - Van den Poel • Madame Susanne Hinrichs et Monsieur Peter Klein • Monsieur Jean-Pierre Hoa • De heer Xavier Hufkens • Madame Bonno H. Hylkema • Madame Fernand Jacquet • Baron Edouard Janssen • Madame Elisabeth Jongen • Monsieur et Madame Jean-Louis Joris • Monsieur et Madame Adnan Kandyoti • Monsieur et Madame Claude Kandyoti • Monsieur Sander Kashiva • Monsieur Sam Kestens • Monsieur et Madame Klaus Körner • Madame Marleen Lammerant • Monsieur Pierre Lebeau • Baron Andreas de Leenheer ✝ • Monsieur et Madame François Legein • Madame Gérald Leprince Jungbluth • Monsieur Xavier Letizia • De heer en mevrouw Thomas Leysen • Monsieur Bruno van Lierde • Madame Florence Lippens • Monsieur et Madame Clive Llewellyn • Monsieur et Madame Thierry Lorang • Madame Olga Machiels-Osterrieth • De heer Peter Maenhout • De heer en mevrouw Jean-Pierre en Ine Mariën • De heer en mevrouw Frederic Martens • Monsieur Yves-Loïc Martin • Monsieur et Madame Dominique Mathieu-Defforey • Madame Luc Mikolajczak • De heer en mevrouw Frank Monstrey • Madame Philippine de Montalembert • Madame Nelson • Monsieur Laurent Pampfer • Famille Philippson • Monsieur Gérard Philippson • Madame Jean Pelfrène-Piqueray • Madame Marie-Caroline Plaquet • Madame Lucia Recalde Langarica • Madame Hermine Rédélé-Siegrist • Monsieur Bernard Respaut • Madame Fabienne Richard • Madame Elisabetta Righini • Monsieur et Madame Frédéric Samama • Monsieur Grégoire Schöller • Monsieur et Madame Philippe Schöller • Monsieur et Madame Hans C. Schwab • Monsieur et Madame Tommaso Setari • Madame Gaëlle Siegrist-Mendelssohn • Monsieur et Madame Olivier Solanet • Monsieur Eric Speeckaert • Monsieur Jean-Charles Speeckaert • Vicomte Philippe de Spoelberch et Madame Daphné Lippitt • Madame Anne-Véronique Stainier • De heer Karl Stas • Monsieur et Madame Philippe Stoclet • De heer en mevrouw Coen Teulings • Messieurs Oliver Toegemann et Bernard Slegten • Monsieur et Madame Philippe Tournay • Monsieur Jean-Christophe Troussel • Monsieur et Madame Xavier Van Campenhout • Mevrouw Yung Shin Van Der Sype • Mevrouw Barbara Van Der Wee en de heer Paul Lievevrouw • De heer Koen Van Loo • De heer en mevrouw Anton Van Rossum • Monsieur et Madame Guy Viellevigne • De heer Johan Van Wassenhove • Monsieur et Madame Michel Wajs-Goldschmidt • Monsieur et Madame Albert Wastiaux • Monsieur Luc Willame • Monsieur Robert Willocx ✝ • Monsieur et Madame Bernard Woronoff • Monsieur et Madame Jacques Zucker • Zita, maison d'art et d'âme
Bozar Circle
Monsieur et Madame Paul Bosmans • Monsieur et Madame Paul De Groote • De heer Stefaan Sonck Thiebaut • Madame France Soubeyran • De heer en mevrouw Remi en Evelyne Van Den Broeck
Bozar Young Circle
Mademoiselle Floriana André • Docteur Amine Benyakoub • Mevrouw Sofie Bouckenooghe • Monsieur Matteo Cervi • Monsieur Rodolphe Dulait • Monsieur Avi Goldstein • Monsieur Rodolphe Dulait • Monsieur et Madame Melhan-Gam • Dokter Bram Peeters • Monsieur Lucas Van Molle • Monsieur et Madame Clément et Caroline Vey-Werny • Madame Cory Zhang